Kijk live| Luister live| Webradio| Mobiel| Twitter| Facebook| Teletekst| Tip de redactie: nieuws[apenstaartje]rtvnh.nl of bel 020 8 505 404

Tilt! - Gerben Karstens
16 jan 2012 16:40
Fred Segaar groot
De column van Fred Segaar, eindredacteur sport.

Met de Sluitingsprijs Putte-Kapelle is het wielrennen in Nederland traditioneel tijdelijk te ruste gegaan. Deze koers zou niet beroemd zijn als het niet de laatste van het seizoen was. De jaarlijkse wedstrijd in de Nederlands/Belgische grensstreek is namelijk een tamelijk onbeduidende.

Wel blijkt het de plek en het moment voor de beter wieleranekdote. In oktober beleeft deze sport zijn laatste stuiptrekkingen en die worden met name tijdens de roemruchte Sluitingsprijs zichtbaar. Omdat een periode van relatieve rust aanbreekt, drinken wielrenners en toebehoren (soigneurs, ploegleiders, supporters) een stevig glas in het herfstzonnetje.

Het was dáár, in Putte, dat ik een verhaal hoorde dat ik sindsdien nooit meer uit mijn hoofd heb gekregen. Het speelt zich af onder vergelijkbare omstandigheden (vallende bladeren, herfstzonnetje), maar op een andere plek in Europa.

Lombardije. De Ronde van Lombardije.

Hoofdpersoon in dit verhaal is Gerben Karstens, een wielrenner die in de jaren zestig en zeventig furore maakte als als sprinter. Karstens stamt uit een tijdperk dat coureurs bijnamen kregen en zo is hij bekend geworden als de 'Leidse Notariszoon.' Zonen van notarissen worden meestal zelf ook notaris, zeker in studentenstad Leiden, maar deze notariszoon koos voor een loopbaan als schaatser. Omdat hij nóg beter dan op de ijzers zijn draai vond op twee wielen, kon het gebeuren dat Karstens al snel een talentvol lid was van wielervereniging Swift, de club waar ook Joop Zoetemelk groot is geworden.

Behalve een goed sprinter -hij won etappes in alle grote ronden- was hij een begenadigd tijdrijder. In die hoedanigheid was Karstens de spil van de nationale ploeg die in 1964 in Tokio met Bart Zoet, Evert Dolman en Jan Pieterse goud won in de olympische ploegenachtervolging. Een jaar later begon zijn loopbaan als beroepsrenner bij Televizier en eindigde zestien jaar later bij het grote Ti Raleigh van Peter Post.

En behalve als goed sprinter en tijdrijder stond Karstens bekend als een grappenmaker. De mooiste streek haalde hij eens uit in een Tour de France-etappe. 'De Karst' plaatste een demarrage en verdween al snel uit zicht van het peloton. In plaats van een voorsprong van enkele minuten te hebben opgebouwd, bleek Karstens zich in de struiken te hebben verstopt. Zijn nietsvermoedende collega's begonnen een ziedende jacht op de vluchter, maar die had het peloton laten passeren, was stiekem achteraan aangesloten en fietste daar grinnikend mee.

In het shirt van het Franse Peugeot maakte Karstens, onbedoeld, de beste grap uit zijn loopbaan. Ik heb er althans hartelijk om gelachen. Het is herfst 1969 en de Ronde van Lombardije zit eraan te komen. Karstens heeft dat jaar alleen een ritje gewonnen in de Vierdaagse van Duinkerken en wil dat rechtzetten met een puike prestatie in het Noorden van Italië. Karstens rijdt apart van de ploeg per auto naar Lombardije. Achter het stuur zit zijn soigneur en chauffeur Jan Leys, een routinier die weet wat het betekent om lange, nachtelijke autoritten tot een goed einde te brengen.

Karstens rijdt de volgende dag rond het Comomeer met de besten mee en als de finale begint, zit hij daar nog steeds. Hij ontsnapt uiteindelijk met zes anderen en klopt deze in de spurt. Jean-Pierre Monseré wordt tweede.

Omdat Karstens als winnaar naar de dopingcontrole moet en, zoals veel renners in die tijd, het verboden middel amfetamine heeft geslikt, maant hij zijn chauffeur in zijn plaats zijn urine af te staan, een truc die in die tijd vaak en meestal met goed gevolg wordt toegepast. Leys doet wat hem wordt gevraagd.

Een paar weken later meldt de internationale wielerunie UCI per brief dat Karstens de overwinning is ontnomen in verband met een positieve dopingcontrole. Er zijn sporen van amfetamine in zijn urine aangetroffen. 'Onmogelijk', denkt Karstens, die verhaal gaat halen bij zijn chauffeur. Leys geeft geen krimp, maar na aandringen van de roemruchte Brabantse ploegleider Kees Pellenaars, die zijn pappenheimer kent, geeft Leys toe. Om de lange autorit goed te doorstaan, heeft hij in dezelfde pillenpot als Kartsens gegraaid.

Karstens boos, Pellenaars bozer. Hij vraagt Leys hoe hij zo stom heeft kunnen zijn. 'Hij vroeg het, en ik gaf het', is zijn antwoord.

'Hij vroeg het, en ik gaf het.'

Zo simpel kan het soms zijn in de wielrennerij.

Jouw foto bij dit bericht?
Heb je een goede foto gemaakt die hoort bij dit bericht? Stuur 'm naar ons toe en wellicht wordt jouw foto aan dit artikel toegevoegd.
Nu mijn foto uploaden

Log in om te reageren

Om te kunnen reageren op dit artikel moet je eerst inloggen. Heb je nog geen gebruikersnaam? Registreer je dan nu.
Gegevens kwijt? Ga naar wachtwoord vergeten om een nieuw wachtwoord aan te maken.

Reacties (0)

(Advertentie)

Heb je een tip?

Heb je een tip over een nieuws- of sportgebeurtenis in Noord-Holland? Laat het ons weten.

Mail de redactie

Meer nieuws over: columns

Meer nieuws over: Wielrennen